Nederland

Onze Koning laat zijn naam, willens en wetens, (mis/ge) bruiken door corrupte rechters.

Geachte Lezer,

Dat Nederland een rechtstaat zou zijn is een  illusie. De kwestie Baybasin, Joris Demmink, het z.g. pikmeerarrest  enz, enz, teveel om op te noemen, maken duidelijk wat ik beweer. Ook ikzelf maakte zoiets mee. Rechters, officieren van justitie en hoge ambtenaren plegen openlijk misdrijven in mijn zaak. Willens en wetens deden ze dat. Ik noem ze met naam op mijn website.
Mijn advocaat drong aan op een eerlijke rechtsgang. De rechters werden boos om die vraag. Zij maakten de dienst uit werd ons te kennen gegeven. Deze personen, gaan bij wijze van spreken, over lijken. Op mijn zoektocht naar gerechtigheid kwam ik veel dezelfde slachtoffers tegen.

Veroordeling zonder recht op een (eerlijk) proces
 

Leven wij volgens de wet onder een dictatuur?

Lid 1 van art. 26 van de wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (wet Mulder)  zegt, dat er geen vonnis nodig is om beslag op goederen te leggen.

Lid 2 van hetzelfde artikel zegt, dat het dwangbevel uitgevaardigd door de officier van justitie van het arrondissement Noord-Nederland wordt uitgevoerd als een vonnis van een burgelijke rechter.

Volgens deze regelgeving kan dus de officier van justitie (alleen van het arrondissement Noord-Nederland) optreden met de autoriteit van een burgerlijk rechter, echter zonder dat er een proces plaats vindt waarin je je als burger kan verdedigen.

Wetboek van Strafrecht

Nuttige artikelen uit het Wetboek van Strafrecht

135 Kennis van samenspanning

138 binnendringen in een woning onder bedreiging

207 Meineed

225 Valsheid in geschrifte

Deel 2: bermgesprekken

Aan:
Frans Bouwmans
Diender bij de Politie Heuvelland Zuid-Limburg
Adres onbekend

Beste Frans,

alweer het tweede deel van ons avontuur.

Eenmaal in de berm beland, bleef er niets anders over dan de tijd te verdrijven, in afwachting van de “hulpdiensten”.

Mijn medepassagiere kreeg nog een bekeuring, omdat ze haar gordel niet had gedragen. De agent die haar gegevens opnam, vroeg haar of ze het er mee eens was wat haar stiefvader deed. Hierop ging ze verder niet in. Hij vroeg haar ook of ik dit uit een geloofsovertuiging deed. Verder vertelde hij haar, dat ze al langere tijd achter ons hadden reden, al vanaf Reimerstok. Bovendien stopte direct achter ons een tweede burgervoertuig met 2 agenten.

Toch vreemd, dat ik op de eerste dag dat ik met mijn rijtuig met rood kenteken de weg op ga (nadat het rijtuig met geel kenteken de dag ervoor door een politieactie in opdracht van de belastingdienst in beslag is genomen), in “the middle of nowhere” blijkbaar wordt opgewacht. En als ik dan uit de auto wordt getrokken, is het eerste wat u zegt: ”Je hebt van gisteren blijkbaar niet veel geleerd! Ik weet wie je bent en waar je woont.”

De wereld is in gijzeling. Sinds de kredietcrisis breiden de banken hun macht in sneltreinvaart uit door niet langer enkel de derdewereldlanden maar álle naties aan een wurgend schuldinfuus te koppelen. De fenomenale renteschulden verhalen overheden via belastingen op de burgers. Het doel is gecentraliseerde totaalcontrole. Het banksysteem is daarbij het fundament in de manipulatie naar een wereldregering met een wereldleger, wereldbank en wereldmunt. De macht van de bank is mogelijk omdat het bancaire geldsysteem is gebaseerd op een fantastische misleidtruc waarbij een selecte groep uit het niets ‘geld’ creëert en daarvan slechts een fractie in de bank (=computer) hoeft achter te houden, het zogenaamde ‘fractioneel bankieren’. Al eeuwenlang heeft men toegewerkt naar deze (digitale) werelddictatuur. Met het verdwijnen van het muntgeld en de koppeling van iedere persoon en al zijn (geld)transacties aan een persoonsnummer in een centrale database is het zover.

Ga naar downloads De wereld in gijzeling voor de 5 delen

(Tekst geldend op: 06-04-2014)

Wet van 9 december 1993, tot aanwijzing van documenten dienende ter vaststelling van de identiteit van personen alsmede aanwijzing van enige gevallen waarin de identiteit van personen aan de hand van deze documenten kan worden vastgesteld.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het ter verbetering van de handhaving van regelingen voor de uitvoering waarvan bekendheid met de identiteit van een persoon van belang is, wenselijk is te bepalen met welke documenten de identiteit van personen in bij de wet aangewezen gevallen kan worden vastgesteld alsmede enige van deze gevallen aan te wijzen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
 

Artikel 1

  1. Als documenten waarmee in bij de wet aangewezen gevallen de identiteit van personen kan worden vastgesteld, worden aangewezen:
    1. een geldig reisdocument als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, b, c, d, e en g, of een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet;
       
    2. de documenten waarover een vreemdeling ingevolge de Vreemdelingenwet 2000 moet beschikken ter vaststelling van zijn identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie;
       
    3. een geldig nationaal, diplomatiek of dienstpaspoort dat is afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Gemeenschappen of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, voor zover de houder de nationaliteit van die andere lidstaat bezit;
       
    4. een geldig rijbewijs dat is afgegeven op basis van de Wegenverkeerswet, een geldig rijbewijs als bedoeld in artikel 107 van de Wegenverkeerswet 1994 of een rijbewijs dat is afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Gemeenschappen of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, waarvan de houder in Nederland woonachtig is, zolang de bij de Wegenverkeerswet 1994 vastgestelde termijn van geldigheid in Nederland niet is verstreken, aan de houder geen administratieve maatregel bedoeld in paragraaf 9 van hoofdstuk VI van de Wegenverkeerswet 1994 is opgelegd of aan hem niet de bijkomende straf bedoeld in artikel 179 van die wet is opgelegd en mits het rijbewijs is voorzien van een pasfoto van de houder.
       
  2. Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan, al dan niet voor een bepaald tijdvak, andere dan de in het eerste lid bedoelde documenten aanwijzen ter vaststelling van de identiteit van personen.

Artikel 2

Een ieder die de leeftijd van veertien jaar heeft bereikt, is verplicht op de eerste vordering van een ambtenaar als bedoeld in artikel 8 van de Politiewet 2012 of artikel 6a van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten, een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 ter inzage aan te bieden. Deze verplichting geldt ook indien de vordering wordt gedaan door een toezichthouder.

Opmerking:
Met een ieder wordt hier een natuurlijk persoon bedoeld. In artikel 1 staat uiteindelijk, dat men zich dient te identificeren met de natuurlijk persoon.
Men dient zich dus slechts op eerste vordering te identificeren. Doet men dit niet, dan is men blijkbaar geen natuurlijk persoon en heeft de dienstdoende ambtenaar geen jurisdictie over deze mens.

Subcategorieën

Informatie over de vermeende Nederlandse Staat en haar bestaansgronden